De Wagner villa van Ernst Fuchs

46-69965850  Ernst Fuchs maakte van zijn Wagner villa een surrealistisch paleis

(Dit artikel verscheen eerder in Herenhuis 2017/2)

Otto Wagner

Eén van de aardigste ritjes die men in Wenen kan maken, is met de trammetjes lijn 1 of lijn 2, die in tegenovergestelde richting over de ‘Ringstrasse’ rijden, de oude stadsring die vanaf de 13de eeuw de stad omsloot met muren en torens. Toen in de 19de eeuw de stad werd uitgebreid, vormden de vestingwerken een belemmering. In 1857 gaf keizer Franz-Jozef bevel om de oude ring radicaal te slopen en er representatieve nieuwbouw voor in de plaats te zetten. Er ontstond een reeks pompeuze, om niet te zeggen protserige gebouwen, zoals de Opera, het Kunsthistorisch Museum, de Hofburg, het Stadhuis en nog veel meer openbare en particuliere bouwwerken. Alle overdadig versierd met ornamenten, beelden en torens, mooi van lelijkheid. Het was een gouden tijd voor architecten. Eén van hen was Wagner.

023 b csm_OW_Pressefoto_01_66beee1c36

Portret van Otto Wagner geschilderd door Gottlieb T. Kempf von Hartenkampf 

Otto Koloman Wagner werd geboren op 13 juli 1841 in Penzing, een voorstadje van Wenen. Zijn vader stierf toen hij vijf jaar was. Zijn moeder bleef achter met Otto en een broertje. Otto groeide op tot een rijzige jongeman, met blond haar en felblauwe ogen. Zijn moeder droomde van een carrière voor hem als jurist. Maar Otto voelde meer voor de architectuur. Hij ging naar de Polytechnische School en vervolgens naar de Bouwacademie in Berlijn. Daarna volgde hij nog een studie aan de Academie voor Schone Kunsten in Wenen. Na zijn afstuderen in 1862, trouwde hij met Josefine Domhart. Hij kreeg met haar drie kinderen, maar het huwelijk was niet erg gelukkig. In 1880 werd de scheiding uitgesproken en een jaar later, in 1881, hertrouwde Wagner met Louise Stiffel. Zij was zijn grote liefde bij wie hij nog drie kinderen kreeg.

Wagner won de ene prijs na de andere en kreeg volop opdrachten. Aanvankelijk bouwde Wagner in de eclectische stijl van zijn tijd, maar in de jaren negentig van de 19de eeuw werd hij gegrepen door de Jugendstil. Hij werkte samen met kunstenaars en ontwerpers als Gustav Klimt, Josef Hoffmann en Koloman Moser, in een streven naar  eenheid van architectuur, decoratie en vormgeving. In 1897 volgde hij een deel van zijn collega’s en sloot zich aan bij de ‘Wiener Secession’, een groep die functionaliteit voorop stelde, met

025 DSC_9817-1 Postsparkasse met spreuk

De Sparkasse ontworpen door Wagner met de spreuk: ” Der Zeit Iher Kunst, Der Kunst Ihre Zeit ‘

gebouwen van steen en glas waarin licht en lucht vrij konden toetreden. Wagners credo werd: ‘Artis sola domina necessitas’. (Noodzaak is de enige meesteres van de kunst). Hij kreeg onder meer de opdracht voor het bouwen van de stations langs de nieuwe ‘Stadtbahn’. Stuk voor stuk tempeltjes voor het openbaar vervoer van een bijzondere schoonheid, die nu allemaal zijn gerestaureerd en vol trots worden getoond, maar waar men destijds vreemd tegenaan keek. Eén van de meesterwerken van Wagner is de ‘Steinhofer Kirche’, een wonder van architectuur, maar toen de kerk werd ingewijd, gaf keizer Franz Josef te kennen dat hij de voorkeur gaf aan architectuur uit de tijd van Maria-Theresia. Wagner werd in de architectuurwereld geroemd, maar ondervond veel weerstand bij de behoudende bevolking van Wenen. In 1916 stierf zijn tweede vrouw na een langdurig ziekbed. Door de Eerste Wereldoorlog was het werk vrijwel stil komen te liggen. Otto Wagner overleed in 1918.  

001_Villa_Wagner_I

De villa die Otto Wagner voor zichzelf bouwde en die later bezit werd van Ernst Fuchs

 

Ernst Fuchs

006 Villa_Wagner_1_Ansicht_1

De villa van Fuchs met zijn beeld van Esther 

In 1886 bouwde Otto Wagner een villa voor zichzelf in Hüttendorf, een voorstadje van Wenen. Hij had zich daarbij laten inspireren door de Italiaanse renaissance bouwmeester Andrea Palladio. De villa kreeg grote Ionische zuilen in de gevel en aan weerszijden een pergola. In 1895 besloot hij de open ruimten dicht te maken. De ene pergola werd een biljartkamer en de andere een atelier met gebrandschilderde ramen van Adolf Böhm. ‘Het is of je een zonsondergang beleeft’, jubelde een criticus bij het zien van de vensters. In 1911 werd de villa verkocht aan de Weense koning van de variété, Ben Tiber. Decennia later raakte het huis in verval en werd zelfs met afbraak bedreigd. Gelukkig ontfermde de kunstenaar Ernst Fuchs zich over de villa en maakte er een fantastisch droompaleis van. 

011Villa_Wagner_I_Innenansicht_4

De glazen  van Adolf Böhm

Tot zijn dood in november 2015, stond Ernst Fuchs bekend als de schilder van het ‘Fantastisch Realisme’. Hij was een veelgevraagde gast voor televisiepraatprogramma’s in de Duitstalige landen. Iedereen kende hem als ‘Der Mann mit der Mütze’, een bijnaam die hij dankte aan zijn schildersmutsje dat hij altijd droeg. Fuchs had een bizar leven achter de rug. Zijn Joodse vader studeerde voor rabbijn, maar gaf alles op toen hij Leopoldine ontmoette, een christenvrouw. Toen Oostenrijk in 1938 werd bezet door de Nazi’s, werd de grond hem te heet onder de voeten en vertrok hij naar Shanghai. In die tijd vluchtten veel Joden naar Amerika of Israël, maar er was ook een groot aantal dat plannen had om in China een Joodse staat te stichten. Leopoldine bleef in Oostenrijk achter met de in 1930 geboren Ernst. Toen de oorlog uitbrak, werd de kleine Ernst als half-Joods kind bij zijn moeder weggehaald en ondergebracht in een kamp. Zijn moeder stelde alles in het werk om haar kind terug te krijgen. Door zich officieel te laten scheiden, kreeg ze Franz terug. Ze liet de jongen onmiddellijk dopen. Er brak een moeilijke tijd aan, zowel tijdens als na de oorlog. Als kind liepen Ernst en zijn moeder regelmatig langs de Wagner Villa in Hüttendorf en dan zei Ernst tegen zijn moeder: ‘Als

036 Fuchs18

De jonge Ernst met zijn moeder 

ik groot en beroemd ben, koop ik dat huis voor je’. Ernst volgde een schildersopleiding en ging direct na de oorlog naar de academie. Hij was eerst een volgeling van Gustav Klimt en Egon Schiele, maar ging weldra zijn eigen weg. In 1958 richtte hij met enkele andere kunstenaars, de Weense School voor Fantastisch Realisme op. Fuchs hield zich toen hij goed ging verdienen, aan de belofte aan zijn moeder. In de Jaren Zestig trof hij de villa aan in sterk verwaarloosde toestand. Een projectontwikkelaar wilde het huis slopen om  er bungalows te bouwen. Hij wilde wel verkopen, maar zat vast aan een anti-speculatiebeding van vijf jaar. Het liet Fuchs echter niet los. Na vijf jaar wendde hij zich opnieuw tot de eigenaar en ditmaal kon hij het totaal verwaarloosde pand kopen. Ernst Fuchs blies de monumentale villa op geheel eigen wijze, nieuw leven in en bracht er zijn schilderijen en beelden in onder. Hij smaakte het genoegen dat zijn moeder er nog een aantal jaren, theevriendinnen kon ontvangen.

Weens genoegen

Het was in de zomer van 2001 dat mijn vrouw en ik een afspraak hadden met Fuchs in een bekend restaurant in het hartje van Wenen. We zouden elkaar daar om vier uur treffen. Het was een warme dag in juli. Fuchs liet op zich wachten. Eindelijk, omstreeks zeven uur ‘s avonds, kwam hij opdagen met een gevolg van familie, vrienden en journalisten. De mensen op straat stonden stil. Persfotografen verdrongen zich. Voor het restaurant werden tafeltjes aan elkaar  geschoven en even later zaten we met een groot gezelschap bijeen. Ik vreesde dat er weinig zou komen van een gesprek met de kunstenaar en besloot mij over te geven aan de genoeglijke avond. De sfeer werd nog

Schramml orkestje

Weens Schramml orkestje 

uitbundiger toen er een Weens ‘Schramml’- orkestje werd opgetrommeld. Bij mij kwamen dierbare herinneringen naar boven. Het geval wil dat ik op 17-jarige leeftijd een zomer heb doorgebracht in Wenen. Om in mijn inkomsten te voorzien, hielp ik de boeren buiten Wenen, de hooioogst van de Alpenweiden te dragen. Dat ging vanwege de steile hellingen met grote manden op de rug. De familie waar ik verbleef had met elkaar een echt Schramml- orkestje en toen het hooi van de berg was, werd ik gevraagd om mee te doen. Omdat ik geen enkel instrument bespeelde, werd ik tot zanger gebombardeerd. Elke zondagmiddag traden we op in Grinzing en ik bouwde een bescheiden repertoir op van Weense liedjes.

Ernst Fuchs David und Bathseba

Ernst Fuchs: David en Bathseba

Zonder dat ik daar erg in had, begon ik op die avond in gezelschap van Fuchs, mee te neuriën met de vertrouwde melodieën. Fuchs zweeg en keek mij verbaasd aan: ‘Könn’n Se det singen?’, zei hij in plat Weens. Ik knikte, hij trok mij van tafel en even later zongen we  samen bij het orkestje uit volle borst: ‘Ja , ja der Wein ist gut’. ‘Kom morgen naar de

008 Wien-Penzing_-_Weibliche_Figur_von_Ernst_Fuchs_vor_der_Otto_Wagner-Villa_-_II

Koningin Esther 

villa’, zei Fuchs enthousiast. De volgende dag was de kunstenaar  wederom  niet op tijd, zodat mijn vrouw en ik uitgebreid de gelegenheid  hadden om door het prachtige huis te dwalen met tussen de pilaren, het grote beeld van ‘Koningin Esther’, de Spiegeltempel, het bad met mozaïek van Koloman Moser, de vensters van Böhm en de meubelen van Hoffmann. De  prachtig gerestaureerde schepping van Otto Wagner, ingericht met de fantastische kunst van Ernst Fuchs. Het lukte ons om een artikel te maken voor een internationaal tijdschrift en een grote tentoonstelling van het werk van Fuchs naar Nederland te halen.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s