Indisch schilderij gered

H0027-L28642469 Strasser Een dierbare herinnering bewaar ik aan het verhaal van een Indische dame 

Ik was op bezoek bij een dame in Amsterdam Oud-Zuid. Ze bezat een kleine collectie Indische schilderijen en ik mocht er een paar uitzoeken voor een tentoonstelling. We dronken thee in de salon en mijn blikken gleden langs de muren. Twee fluitspelende jongens geschilderd door Rudolf Bonnet. Een pastel van Willem Hofker. Ik herkende de wonderschone Balinese die hij in dienst had genomen om te koken. Koken kon ze niet, maar als model voldeed ze uitstekend. Verder een Mayeur met diens Balinese vriendin aan het weefgetouw. Mijn oog bleef rusten op een kleurige Strasser op de meest prominente plaats in de kamer. De vrouw zag mij gretig kijken. Ze schudde het hoofd: ‘Die krijgt u niet. U mag alles lenen voor de tentoonstelling, maar de Strasser gaat zo lang ik leef de deur niet meer uit.’

Roland Strasser

Roland Strasser 

Toen kwam haar verhaal. In de jaren dertig had zij in Denpassar gewoond. Haar man was landmeter. Hij trok Bali rond en bezocht graag de handvol westerse schilders die zich tussen de lokale bevolking hadden gevestigd. De andere ambtenaren trokken hun neus op voor de artistieke lui die zich inlieten met inlanders. De landmeter niet, hij keek graag naar de schilderijen die het eiland en de bevolking zo mooi weergaven. Toen zijn

49

Rudolf Bonnet 

eerste kind, een jongen, werd geboren kocht hij een Bonnet ter herinnering. Twee jaar later volgde een dochtertje en kocht hij een Hofker. Bij de geboorte van zijn derde kind, nog een meisje, kocht hij een groot kleurig doek van Roland Strasser. Toen brak de Tweede Wereldoorlog uit. Voorlopig ging het leven in Nederlands-Indië gewoon door. Dat veranderde toen de Japanners binnenvielen. De Nederlanders werden in kampen gezet. Haastig werd het hoognodige bijeen gepakt. De landmeter nam de schilderijen uit de lijsten en rolde die op. De Bonnet en de Hofker gingen in één koker. De grote Strasser in een tweede. ‘Neem jij de Strasser mee, dan bewaar ik de Bonnet en de Hofker’. De vrouw zou het afscheid nooit vergeten, Haar man en haar zoontje werden op een vrachtwagen gezet. De landmeter nam de kartonnen koker onder zijn arm. Hun zoontje hield angstig zijn speelgoedbeer tegen zich aangedrukt. De vrouw en de twee meisjes moesten mee met een ander transport. De kampjaren gingen voorbij in grote ellende.

willem-gerard-hofker-balinees-meisje

Willem Gerard Hofker 

De vrouw schonk een tweede kopje thee in. Ze werd overmand door herinneringen en keek even stil voor zich uit. ‘Een keer hebben de Japanners alle bagage van de vrouwen doorzocht’, ging ze verder. Het schilderij werd meegenomen en ruw met een paar spijkers opgehangen in het kantoortje  van de commandant. Op een dag waren de Japanners ineens weg. De vrouwen wisten niet wat ze aan moesten. Zenuwachtig liepen ze heen en weer en pakten hun spullen bij elkaar, zonder te weten waar ze heen moesten. De vrouw van de landmeter ging het verlaten kantoor binnen en peuterde voorzichtig het schilderij los. Met een tandenborsteltje veegde ze het vuil van het schilderij. Ze rolde het doek op en stak het in de koker die zij had bewaard. Enkele dagen later kwamen Engelse militairen het kamp binnen. De vrouwen werden vervoerd naar Surabaya. Dagen later zag ze haar zoon terug. Hij was groot geworden, maar tussen zijn met een touw vastgebonden kleren stak het beertje. Haar man was omgekomen. Zijn twee schilderijen waren weg.

Het was even stil in die kamer vol herinneringen. Toen ging de vrouw verder. Het

0a91d534a16fe5667a1e633b4378ca44

Adrien-Jean le Mayeur de Merprès 

duurde dagen voor ze naar Batavia konden. Eindelijk was er plaats voor haar, de twee meisjes en de jongen. Ze moesten alle bagage afgeven. De kleren, de koker met het schilderij, het beertje, alles. Onderweg stond de trein vele malen stil. Toen ze aankwamen in Batavia bleek de wagon met bagage te zijn ‘gerampokt’, alles was verdwenen. Ze verbleven lange dagen in een hotel. Op een keer werd er geroepen dat er bagage was teruggevonden. De vrouw haalde haar schouders op. Ze had geen enkele interesse en bleef met haar dochters op haar kamer. De jongen was wel nieuwsgierig. Hij ging naar de hal waar koffers en kleding op een grote hoop lagen. Tussen allerlei spullen lag het beertje. De jongen pakte het speelgoed op en holde naar zijn moeder. De vrouw sprong overeind. Als het beertje terug was …. Ze ging naar de hal en graaide als een bezetene tussen de kleren. Helemaal onderop lag de koker met het schilderij. Eenmaal terug in Amsterdam liet ze de Strasser restaureren en opnieuw inlijsten. Ze hertrouwde en ging in het grote huis in Zuid wonen. De herinnering aan haar man hield ze in ere door zijn liefhebberij voort te zetten. Van tijd tot tijd kocht ze een Indisch schilderij. ‘U mag alles lenen’, zei ze nog een keer. ‘Maar de Strasser blijft hier’.

bonnet3

Rudolf Bonnet 

n.b. Na de dood van de vrouw gingen de schilderijen naar haar kinderen. De hier afgebeelden schilderijen zijn andere werken van de zelfde schilders. 

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s